zondag 5 augustus 2012

dinsdag 31 juli 2012

Om over naar huis te schrijven

We ruiken de stal. Op een vlakke Noordzee ergens tussen Schotland en Nederland. Opeens. Er staat een klein windje maar we gaan prachtig vooruit. Kleurige booreilanden, wiekende hefschroefvliegtuigen en knipperende boeien om ons heen. We zijn niet meer zo alleen. Het besef daalt op ons neer als de zon opkomt en een prachtige zomerse dag begint. De lucht ruikt naar de Noordzee, zoals alleen de Nederlandse Noordzee op een zomerochtend kan ruiken. Bekend, vertrouwd. Een zure bom op het Zandvoortse strand, mosselen van Floor.
“JAAAHH!!! NEDERLAND IN ZICHT!!” Miek ziet het als eerste. Euforie aan boord. “Dat daar, die hoge duinen! Dat is Nederland!” We doen een vreugdedans. We zijn net de laatste shippinglane overgestoken. Meteen de drukste van onze hele wereldreis. In een half uurtje hebben we 12 boten moeten laten voorgaan voordat we durfden oversteken. IJmuiden aan de horizon. Windmolens, vissertjes en vliegtuigen. Een onwaarschijnlijke opeenvolging van opstijgende vliegtuigen. We krijgen het idee dat alle Nederlanders nog net even voor onze aankomst via een luchtbrug worden geëvacueerd.
Als blije eikels varen we met een dikke glimlach, een buik vol fijne warme zenuwen en de mooiste boot van de hele wereld langzaam op ons eigen land af. Na 36 landen en 35.384 zeemijl zijn we opeens tussen de pieren van IJmuiden, dat prachtig en uiterst fotogeniek in de zon ligt te pronken. Het verwelkomingsschip Whitehaven van Pieter en Atty komt onder vol zeil met prachtige Blauwe Pinquinvlaggen de haven uitgevlogen. Ze escorteren ons naar Amsterdam waar ons een onvergetelijk welkomstfeest wacht. Op zaterdag 28 juli om exact 14.00 uur leggen we de boot onder luid gejuich aan op de NDSM werf in Amsterdam. Van het feest wat dan volgt zijn we nu nog aan het bijkomen. Daarover dus binnenkort meer.
Het log staat stil op 35.384 mijl. De Blauwe Pinquin en haar bemanning zijn weer thuis. Dat voelt fantastisch. We wonen voorlopig aan boord op de werf van Rheebergen bij de NDSM in Amsterdam. Er staat altijd wel een volle theepot klaar, dus kom gerust even buurten. We hebben al één telefoon en die luistert naar nul-zes-15688543.

Groeten Ben

dinsdag 17 juli 2012

Dwars door Schotland


Sinds Panama hadden we niet meer op zoet water gelegen. Het Caledonisch kanaal wordt gevormd door een verzameling vaarten, sluizen en meren (Lochs) die met elkaar zijn verbonden. In de eerste sluis betaal je iemand een stapel geld en vanaf dan ben je onderdeel van een uiterst relaxte, Antonpieck-achtig binnenwaterwereld. Geen stress, weinig wind, geen golven. Prachtige vaarten en meren die langs piepkleine dorpjes lopen, sluisjes in afgelegen bosachtige streken en overal heel lieve en aardige mensen die je lijntjes aanpakken, de brug voor je opendoen of je een weerberichtje geven. Langs het hele kanaal staan toillethokjes, zoetwaterkranen, bbq-plekjes en instructieborden. Je hoeft niet echt na te denken en je vaart door het prachtigste landschap. Opeens voelen we ons geen stoere zeeschuimers meer, maar gezapige huikzeilers. We bekijken veel kastelen en fantaseren dan over de hoofse liefde en hoe dat moet met een maliënkolder aan. Op Loch Ness proberen we vergeefs tonijn te vangen. (Of is het tevergeefs?) Het monster is al jaren dood, blijkt al snel. De bossen langs de woeste bergwanden zijn prachtig en met de boot kom je op plekjes waar het erg mooi en stil is.




Schotland bevalt ons uitstekend. Het is weids & leeg en vol prachtige natuur. Vlakbij Oban zwom er een otter naast de boot. Je kunt er wandelen, prachtig zeilen en overal ankeren. En je mag er fikken! Je bent er helemaal alleen in de natuur terwijl het op sommige andere plekken een drukte van jewelste is. Oban loopt over van Amerikanen op whisky-toer. Maar vijf mijl van de stad anker je paradijselijke aan de voet van een geweldig kasteel. In Inverness verkopen ze meer kilts dan broden, maar je wandelt er vanuit het centrum zo het bos in. En in Fort Augustus komt iedereen om even een kwartier op Loch Ness te varen en de sluizen te zien. Toevallig kwamen wij ook net de sluizen daar invaren toen er een bus was gelost. Met zes jachten gingen we vijf sluizen naar beneden, een prachtig trappetje af. Deze sluisgang duurde misschien een uur, en er zijn waarschijnlijk door een paar honderd toeschouwers meer dan tienduizend foto's van gemaakt. Een flink deel daarvan heeft mijn moeder gemaakt, want die was vijf dagen samen met Pieter bij ons aan boord op bezoek. We hadden daardoor het beste sluis-team denkbaar en we hebben een hoop lol gehad. Bovendien heb ik zonder valsspelen met kaarten van ze gewonnen en dat is heel uniek. Aan het eind van het kanaal, in Inverness komen ook Vincent en Linda nog op visite en is het feest compleet.




Nu hebben we alle familie weer weg gestuurd en zijn we het kanaal weer uitgevaren. Op zout water vol grote dolfijnen voeren we de Moray Firth op. Zojuist is het anker gevallen bij het dorpje Cromarty. Heel mooi in een baai en aan de overkant een geweldig werf waar ze een boorplatform in elkaar aan het lassen zijn. Een mooi combinatie: er zijn bossen en glooiende heuvels vol schapen, een historisch stadje, er zwemmen dolfijnen en zeehonden PLUS er staan staalconstucties zo groot als wolkenkrabbers en nog verderop liggen een paar booreilanden voor onderhoud afgemeerd. Ook doet de RAF hier laagvcliegoefeningen met straaljagers. Sommige mensen vinden dat verveledn maar ik vind het geweldig. Een geluid dat scheurt en knettert en fysiek voelbaar is als ze laag over je mast vliegen. En vijf minuten later liggen we dan weer in perfecte stilte. De bijboot ligt in het water en we gaan zo de kant op voor een avondwandeling. Hopelijk ook koffie met internet, want dan kunnen jullie dit ook lezen en plaatjes erbij kijken.

Groeten
Ben

PS in de september-editie van Zeilen een bloedstollend BP-verhaal over wat je nog meer met keukengerei kunt doen op een lange oceaanoversteek. Kopen dus zodat we snel nog meer verhalen mogen inleveren!




----------
radio email processed by SailMail
for information see: http://www.sailmail.com

vrijdag 6 juli 2012

Jura


Tussen Ierland en Schotland zit een stuk Ierse zee dat de Northern Channel heet. Daar kan het heel hard stromen. Ook varen er veel grote boten. Vanuit het schattige plaatsje Glenarm in Noord Ierland steken we over naar Schotland. We hebben het zo uitgekiend dat we maximaal profiteren van de stroom. Twee uur voordat het getij draait staat er vlak langs de kust al een tegenstroom de goede kant op. We varen daarom heel dicht langs de kant. Dichter dan ooit. Wat het extra spannend maakt is dat we in potdichte mist varen. Iets wat we normaal nooit zouden doen, maar we hebben hulp. We varen namelijk samen met Daniel, een Zweed die solo zeilt op zijn boot Luna. Hij heeft radar en een volledig vergelijkbare boot. We blijven dus vlakbij elkaar terwijl hij op de radar tuurt naar grote schepen, vissers en ander onheil.

Als het getij draait neemt ook de wind toe, we krijgen steeds meer stroom mee en de mist trekt op. We racen gezamenlijk met negen tot tien knopen naar de overkant, terwijl de wind steeds verder aantrekt. Het is een geweldige zeildag, al blijft het eng om met tien knopen snelheid over de grond een mistbank in te zeilen als je midden in een shippinglane vaart. Na twee uur racen zijn we veilig aan de overkant en wordt het zicht langzaam beter. We zien het eiland Islay uit de wolken opdoemen en daar binden we vast aan een steigertje. Het is grijs en grauw en er valt een koud buitje, maar we zijn in Schotland! We hebben nog nooit zo'n perfecte zeildag gehad in zulk ogenschijnlijk kloteweer. Dankzij de radar van Daniel en een maximale getijdestroom.


Port Ellen is gehuld in de heerlijke turfgeur van de lokale wiskystokerijen. Er zijn er maar liefst acht op dit kleine eilandje. De volgende ochtend vaart Daniel weer verder en staan wij om tien uur al in de destilleerderij van Laphroigh. Daar loop je vanuit het dorpje zo naartoe. Laphroigh is lekker spul, al drink ik het liever wat later op de dag. 'S middags gooien we de trossen weer los, er is niet veel wind maar een heerlijk zonnetje warmt ons op. We laten ons met het getij twintig mijl verder naar het eiland Jura stromen en daar ankeren we bij Craighouse in een briljant baaitje. Het plaatsje bestaat uit een whiskystokerij en een handvol huizen. We ankeren pal voor de stokerij van Jura en gaan naar de kant. In het hotel drink ik een glaasje van het lokale destillaat. Het smaakt goddelijk. Dan maken een geweldige wandeling rond de baai. Het gras is net gemaaid en het is volledig windstil. Het ruikt lekker en het avondzonnetje schijnt op ons bootje dat rustig voor anker ligt. Het is een paradijselijk plekje. Alle regen, mist en kou zijn in een klap vergeten. Da's maar goed ook want we hebben nog steeds geen goed petroleumkacheltje kunnen vinden.

Groeten
Ben





zaterdag 30 juni 2012

Ankeren of dokken

We zien helemaal niets. Al meer dan een dag worden we omringd door dichte mist. Het is koud en alles is nat. Binnen in de boot is het ook al koud. Minder dan 10 graden! Klamme kou die zelfs mijn slaapzak binnendringt als ik na een pikdonkere mistige nachtwacht warm probeer te worden in mijn kooi. Sinds vertrek uit Kinsale is het mistig. We dachten dat het wel weg zou trekken, maar het wordt alleen maar erger. De wind wordt ook steeds minder en onze snelheid loopt hard terug. De stroom draait tegen met 2 tot 3 knopen en we gaan amper vooruit. We horen misthoorns en een heel dikke dieselmotor .We kunnen de motor niet aanzetten want dan horen we de schepen niet meer. We hebben geen radar, en de AIS doet raar. We zien dus helemaal niets. Voor de zekerheid zijn we tot buiten het verkeers-scheiding-stelsel de Ierse zee opgevaren. We zijn van plan om zo ver mogelijk noord te varen, richting Belfast, maar in deze mist is dat geen doen. We besluiten de koers te verleggen naar het westen om ergens een haventje te zoeken waar we kunnen wachten tot de mist voorbij is. En waar we een petroleum kachel kunnen kopen.

Dat haventje wordt Arklow. Daar kan je alleen niet ankeren. Van de havenmeester mogen we bij de vissers en hoeven we niet in de marina. Die kost hier 35 euro voor een nachtje. Na drie jaar rond de wereld zeilen is ons spaarvarken aardig afgeslankt. We hebben dan ook geen trek om belachelijke tarieven te betalen om een nachtje over te blijven. We worden wakker in het zonnetje en na een rondje door het ietwat sippe stadje koersen we verder noordwaarts.

Heel anders dan gisteren schijnt nu de zon. Er is ook een wind waarschuwing, maar we besluiten toch maar gewoon te gaan. We varen uit op slack en als de stroom gaat lopen schiet de boot vooruit. We varen langs Wicklow Head, een prachtige vuurtoren op een uitstekende rots en de boot gaat met ruim 8 knopen over de grond. De stroom is hier erg sterk en we profiteren er maximaal van. De zon schijnt en we racen langs een prachtige kust naar Dublin. Terwijl de wind aantrekt zigzaggen we tussen de grote veerboten door naar het noorden. Ruime wind met een rifje in het grootzeil leggen we binnen 7 uur ruim 50 mijl af. We varen een riviertje boven Dublin op met een heel ondiepe drempel. We kunnen er vlak voor hoogwater naar binnen en het anker valt voor het stadje Malahide. Een geweldige zeildag die ons alle kou doet vergeten. De boot draait vrolijk mee met het getij in het riviertje en we hebben uitzicht op duinen aan de overkant. Prima plek om een dagje te schuilen voor wat hardere wind.

Nu zijn we weer onderweg. Dikke buien schuiven voorbij en kleuren donkerblauw in de felle zon. De prachtige Noord-Ierse kust in het zonnetje op de achtergrond. De barometer gaat alle kanten op en elke dag is het weer anders. De radio geeft alweer een Small-craft warning, maar het ziet er niet al te ernstig uit dus we varen vrolijk verder. We zijn weer in noordelijke wateren en ondanks alle kou en ongemakken is dat toch ook wel weer erg mooi. De zonnestralen die we hier meepakken voelen extra lekker.

Groeten
Ben

----------
radio email processed by SailMail
for information see: http://www.sailmail.com

dinsdag 26 juni 2012

Kinsale

Het is typisch Iers strandweer. Mistig met een waterig zonnetje. Wij hebben dan ook ons zeilpak, thermoondergoed en windstopper verkozen boven bikini en zwembroek. We liggen niet op het strand maar zitten in de kuip. We hebben vanochtend Kinsale in de mist achter ons gelaten en zeilen in oostelijke richting langs de Ierse zuidkust. We hopen zo ver mogelijk via de Ierse Zee richting Schotland en het Caledonisch kanaal te vorderen. Hoe ver zal afhangen van stroom en wind.

Donderdagavond zijn we aangekomen in Kinsale aan de Ierse zuidkust. Een uur na aankomst zitten Ben en Gerlof aan hun welverdiende Guiness en geniet ik van een rode wijn. De schrik van de hoge prijzen in de kroeg spoelen we snel met nog meer drank weg. Na een overheerlijke Fish & Chips zijn we in een eeuwenoude pub beland. De lokale visser, met wie we in gesprek komen is onder de indruk van het feit dat wij de wereld rond zijn gekomen met evenveel diesel als zijn dagelijks verbruik. Daarentegen zijn wij onder de indruk van het feit dat hij tot op 200 meter diepte kan vissen. Het was een zeer geslaagde avond. We zijn het er unaniem over eens dat die Ieren een goed volk zijn.

Vrijdag besluiten we uit de marina weg te gaan en voor anker te gaan op de rivier. Daniel, een Zweed met wie we ook langs de Afrikaanse kust voeren, ligt hier ook voor anker. We nodigen hem uit voor hen diner en wisselen alle avonturen uit. Hij is vanaf Kaapstad via Brazilië naar de Azoren gezeild. Sinds januari hadden we elkaar niet meer gezien. We proberen nog even in de kuip te zitten maar besluiten dan toch dat het te koud is en gaan naar binnen.

Als we zaterdagmiddag Gerlof hebben uitgezwaaid verkennen we Kinsale. Bij de St Multose kerk hangt een affiche over een concert de volgende avond. Wij hebben wel zin in een beetje Ierse folklore en zijn dus zondagavond van de partij. Wij verbazen ons over het grote aantal Amerikaanse toeristen om ons heen. Tijdens het welkomswoord blijkt dat we beter hadden moeten kijken. Het koor blijkt uit Minnesota te komen, niks Iers dus. Tot onze blijdschap zijn er een paar Ierse gastzangers die ook een nummer doen, inclusief Ierse fluit en traditionele dans. Volgende keer toch beter lezen, al konden ze wel mooi zingen.

Het is duidelijk dat we in Europa zijn aangekomen. Toen we bijna drie jaar geleden onderweg naar het zuiden waren, viel het ons al op. De hele Europeese kust lijkt bedolven onder de ruines van forten en verdedigingswerken. Ook hier in Kinsale stikt het van de forten. Het is heerlijk om er heen te wandelen door het lange groene gras en andere herkenbare planten. Nog even en we kunnen Nederland ruiken.

Gerlof is weer van boord en wij zijn weer met ons twee. Het zal vannacht wel even wennen zijn als de wekker weer gaat na 2,5 uur slapen.

Groeten vanaf 51'42 N 007'55 W
Miek

----------
radio email processed by SailMail
for information see: http://www.sailmail.com

dinsdag 19 juni 2012

Dikke pluimen

Meer dan dertig walvissen bij elkaar in het avondzonnetje. We zagen ze gisteravond hun waterpluimen omhoog blazen. Het duurde wel een half uur en op een gegeven moment telden we meer dan veertig pluimen in een minuut. Het was een gezellige bende bij die walvissen. Misschien werd er zelfs gevoosd. We konden net niet goed zien wat voor soort het was, want we durfden niet dichtbij te komen. De pluimen waren zeker 5 meter hoog. Er boven hing een donkere bui en het was een magisch gezicht. De pluimen heel wit in het zonnetje.

We kunnen de Guiness nu bijna ruiken, nog 230 mijl naar Kinsale in Ierland. Eergisteren nog even wat verhoogde bloeddruk aan boord door een weerbericht dat een dikke depressie beloofde precies over ons heen. Dat zou 40-45 knopen wind geven en dat is niet fijn. Gelukkig was het volgende weerbericht al iets milder, nog maar 30 knopen. Momenteel ziet het er naar uit dat we net voor de harde wind binnen kunnen zijn. Daar hopen we dan maar op.

Aan boord is het heel gezellig met zijn drieën. Opeens een heel andere dynamiek en dat is echt leuk. Het is ook luxe dat we veel langer kunnen slapen. We lopen wachten van 2,5 uur en je kunt dan twee keer ruim vier uur slapen. We moeten er maar niet aan wennen. De zee is wat groener geworden en 's nachts licht hij mooi op. Dolfijnen zien er dan uit als raketten onder water, ons zog is een spoor van duizenden sterren en soms zie je in de verte iets groots onder water voorbij zwemmen. De vogels om de boot zijn ook aan het veranderen. We zien bijna geen pijlstormvogels meer en steeds meer zwaluwen en Jan van Genten. Gistermiddag kwam een school dolfijnen met jonkies met ons spelen. Ik lag op mijn buik op het voordek met mijn hand in het water en ze kwamen steeds dichterbij. Een beetje ravotten met dat rare mannetje dat op dat blauwe bootje met zijn lange armen naar ze lag te zwaaien. Het is fijn hier, hopelijk houden we dat vol tot we er zijn. We verwachten donderdagavond in Kinsale aan te komen.

Groeten
Ben

----------
radio email processed by SailMail
for information see: http://www.sailmail.com