donderdag 26 mei 2011

Noumea





We eten de laatste dagen van onze oversteek als koningen. Alle verse groenten en fruit moeten op. Dat mogen we niet invoeren in Nieuw Caledonië. En wat doe je met 10 appels als je nog 100 mijl te gaan hebt en de zee een beetje tot rust is gekomen? Juist: Je bakt appeltaart. Tenminste als je Annemiek heet. Het gevolg is dat wij op de dag voor onze aankomst heerlijk zaten te smullen in de kuip. Nu zijn we gearriveerd en liggen veilig aan de steiger in Noumea, de hoofdstad van Nieuw Caledonië. Het is een beetje een rommelige stadje, maar de locals hebben de coolste kapsels ooit, en dat maakt veel goed qua couleur locale.

Het is hier een Franse overzeese provincie en dus is er vers stokbrood. En we kunnen onze campinggaz flessen na een half jaar eindelijk weer eens vullen. Het is wel raar om hier midden in de stad te liggen. We blijven in de marina omdat ik (Ben) aanstaande zaterdag naar Nederland vlieg en Miek hier een weekje achterlaat. Mijn broer gaat trouwen en daar wil ik toch wel erg graag bij zijn. Ondanks alle intercontinentale logistieke strapatsen die dat met zich meebrengt.
De pinquin vaart de pas van Noumea binnen.

Het filmpje (als we het geupload krijgen) hebben we onderweg hierheen gemaakt toen de zee net weer een beetje gekalmeerd was na een nachtje spoken. Onze oversteek stond in het teken van wind mee, en veel ook. We kregen precies waar we zo lang op gewacht hebben. De eerste twee dagen was het wel erg royaal, met een paar uur lang windkracht 8. Maar dat ging allemaal goed en we hebben weer extra vertrouwen in onze boot gekregen.

Totzover even

groeten
Ben

vrijdag 20 mei 2011

"Op naar het Noorden!"

We zijn onderweg naar het Noorden. We hebben daar goede verhalen over gehoord. Het schijnt dat het in het Noorden erg goed toeven is. Maandagmiddag om 14:30 uur gooien we de trossen los. Het waait flink maar de goede kant op. " Op naar het Noorden" roepen we enthousiast en om elkaar een beetje moed in te roepen. De verwachting is dat het weer geleidelijk steeds beter wordt en we zijn er klaar voor. Het zal wel een ruig begin worden, zo stellen we ons voor, maar dan zijn we tenminste een goed eind op weg voordat de wind weer wat inzakt.

Nog voordat we de baai uitwaren meten we windkracht 7. 'Was dit nou wel zo slim' , denk ik bij mezelf. Het is ook altijd wat. We roepen een boot op die al een uurtje buiten is. "Hier valt het wel weer wat mee" , roept Rick, de Amerikaan die voor ons vaart. Hij gaat terug naar Alaska waar hij vandaan komt, ook in het Noorden. Ok, dan moet het maar. Niet zeuren. Eenmaal op open zee valt het allemaal best mee. Het waait stevig maar met 2 riffen in voor- en grootzeil gaat het prima. De zee is redelijk rustig en we racen de nacht in. Gaandeweg de nacht gaat het steeds harder waaien. Tot in de vroege morgen waait het 7 beaufort om daarna iets af te nemen. In de buien meten we meer dan 40 knopen.

Gek genoeg gaat het als een speer. Het is niet erg comfortabel, maar de boot glijdt geweldig over de golven en met de kleine zeiltjes zijn de krachten op het tuig te overzien. We varen 160 mijl in de eerste 24 uur en eten de vooraf bereidde nasi. Het heeft ons wel eens beter gesmaakt, maar over het algemeen houdt de bemanning zich uitstekend. Het is ook volle maan en ik zie een regenboog van maanlicht. Ik wist niet dat dat ook kon, het ziet er op zijn minst mysterieus uit.

Inmiddels zijn we op de vierde dag van onze oversteek. Het is dus een feestdag. Het waait nog steeds 25 knopen en de zeeen zijn magistraal. We voelen ons alpinisten in een bewegend bergland. Het hogedrukgebied waarop wij thans meeliften schiet koude poollucht als een raket naar het Noorden. Wij liften mee op deze koude luchtstroom. Het gevolg is dat we nog steeds als Michelinmannetjes ingepakt in de kuip zitten te kleumen met mutsen, laarzen en lange onderbroeken aan. Zelfs al zijn we momenteel al op 29 graden zuid. We klagen niet want deze sneltrein brengt ons uiterst gezwind in de juiste richting.

We varen bijna langs Norfolk eiland. Een gevangeniskolonie waar de zaken volledig uit de hand liepen. De geschiedenis van dit eiland is gruwelijk. En dat nog maar 200 jaar geleden. Later hebben ze het nageslacht van de muiters van de Bounty er nog een tijdje geprobeerd te dumpen. Maar die kregen heimwee naar hun eigen godvergeten eiland, Pitcairn, in de buurt van paaseiland. Het zou een interessante tussenstop zijn, ware het niet dat de Australische autoriteiten het je nogal lastig maken als je hier wilt stoppen. We varen dus maar vrolijk verder. Het Noorden wacht.

Groeten vanaf
29'26.3 Z 170'32.5 O

Ben

----------
radio email processed by SailMail
for information see: http://www.sailmail.com

dinsdag 10 mei 2011

Poel van twijfel


In de nazomer van 2009 lagen we ook al eens heel lang te wachten op goed weer. Toen om de Biskaje over te steken. Een tocht van 400 mijl. Nu wachten we al bijna drie weken om een oversteek van 900 mijl te maken. Het weer is erg instabiel. Lage drukgebieden komen vanuit de tropen afzakken en geven noordelijke wind. Een hoog ten oosten van Nieuw Zeeland houdt alle depressies tegen zodat er weinig kans is op een goede zuidelijke wind. Dat duurt nu al een paar weken.


Het wordt langzaam herfst, maar dat merk je alleen 's nachts. Dan koelt het flink af. De mist die ons in de morgen omringt verdwijnt zodra de zon tevoorschijn komt. Daarna komt al snel het marifoonverkeer op gang. Opua ligt vol met schepen die willen vertrekken en er al weken klaar voor zijn. Vrijwel iedere ochtend gaat iedereen ' los' over het weer.

Af en toe is er een klein 'gaatje' en vertrekken er boten die het gaan proberen. Zo'n 'gaatje' gaat gepaard met veel twijfel. Bij iedereen die weg wil. Moeten we het er op wagen? Onze vrienden gaan immers ook. Als er twee boten definitief besluiten te gaan, gaan er een half uur later opeens acht. Niemand is er erg blij mee, het zijn op zijn best zeer mager kansjes op een goede oversteek.
Het lange wachten drijft ze de zee op. Iedereen is als de dood dat hij een goede kans aan zich voorbij laat gaan. Wij overigens ook. Over de marifoon wordt continu gepraat over het weer, en iedereen verdedigt zijn positie: gaan danwel blijven. Omdat wij zelf ook midden in deze poel van twijfel geankerd zijn, is het lastig ervan te genieten. Maar het moet uiterst vermakelijk zijn om hiernaar te luisteren. Voer voor sociologen.

Ik vind het heel moeilijk om een goede afweging te maken. De vertrekkers nemen windstiltes voor lief en hopen de depressies te ontlopen. Sommige boten kunnen de hele afstand op de motor varen als het moet. Dat kunnen wij niet en we hebben er ook geen zin in. De kans op een plotseling uitdiepende depressie is met dit soort instabiel weer ook veel groter. Wij zijn met onze 10 meter relatief langzaam en kunnen zoiets nooit ontwijken. Wij wachten liever nog wat langer. Het lijkt me wijs om conservatief te zijn in onze besluitvorming, met het gevaar dat we hier in juni nog liggen.

De boten die drie dagen gelden zijn vertrokken krijgen vanavond een front over, ik sprak ze net nog even via de SSB radio. Ik heb een radionetje opgezet voor boten die naar Nieuw Caledonie varen. 6230 khz usb om 09:30h locale tijd. Er zijn er nu vier onderweg. Wij wachten nog iets langer, maar het ziet er naar uit dat er eindelijk een stabiel hogedrukgebied aankomt vanuit het westen. Die draaien hier in het zuiden tegen de klok in en dat betekent dat we stabieler weer en windje mee verwachten. Als we veilig in Noumea zijn gearriveerd kunnen we pas beschouwen wat werkelijk de beste strategie was.




Gelukkig is het hier nog prachtig nazomerweer en versieren we onze wachttijd met feestjes en excursies. Mijn verjaardag vorige week was memorabel. De lekkerste appeltaart ooit, versierd met het getal 38 in blauw deeg en heel veel kadootjes. Ik ben schandalig verwend en hoefde zelfs niet te helpen afwassen. Omdat er internet was heb ik met mijn mamma kunnen skypen en 's avonds zat de boot vol met visite en hebben we waarschijnlijk erg veel lawaai gemaakt op de ankerplek. 3 mei was een dag die grotendeels aan me is voorbijgegaan. Maar niet nadat ik eerst het weerbericht uitvoerig had bekeken natuurlijk.


Sinds een paar dagen lijkt het de goede kant op te gaan met het weer. De verwachting is dat we eind deze week kunnen vertrekken. En omdat we toch al helemaal klaar zijn besluiten we de wachttijd maar goed te besteden. We gaan een stukje zeilen. Ankerop en weg tussen alle wachtende neuroten! Heerlijk aan de wind met vloedstroom mee kruizen we de baai uit. Het is heerlijk zonnig met een klein windje uit het noorden. Er staat een hele lange hoge deining en de Pinquin snijdt als vanouds prachtig door de aanrollende zee. Dat gaat lekker!



Als we de baai een flink stuk uit zijn gevaren gaan we even bijliggen. Ik haal de Gennaker tevoorschijn uit een van de bakskisten. Hoe zat dat ook alweer? De omstandigheden zijn perfect om alles weer eens uit te proberen. Op het rollende voordek duurt het een half uur voordat ik alles voor elkaar heb. Het is ook erg lang geleden. Dan keren we de boeg en trekken de slurf van het zeil. Binnen 2 seconden staat de Gennaker bol en scheuren we met 5 knopen tegen de stroom in terug naar binnen. Dat is dan wel de verkeerde kant op, maar we hopen dat het wachten loont.


groet
Ben

zondag 1 mei 2011

Lente Herfst


“22.3 Ampere! Accu is al weer 80% vol” zegt Ben terwijl hij naar de accumeter kijkt en de windgenerator in een dikke windvlaag het lawaai maakt van zeker drie dikke straalmotoren.


We zijn er klaar voor. Alle hoekjes en gaatjes zijn gevuld met proviand, de vloerplanken sluiten nog maar nauwelijks. We zijn klaar voor vertrek naar warme zomerse zonnige tropische oorden. Alleen het weer werkt nog niet mee. Dus het wachten is wéér begonnen. Terwijl de zomerse geluiden uit Nederland via de computer onze kombuis binnenkomen, proberen wij ons warm te houden met door-oma-gebreide-sokken, mutsen, extra truien en de olielamp. De wind giert tussen de masten en doet de bootjes wiebelen op de golven terwijl wij verlangen naar tropenzon, witte stranden en helder blauw water. En we zijn niet de enige. Er zijn nog zo'n 50 andere boten die met de dag ongeduldiger worden. Het gespreksonderwerp in de marina is het weer 'Wanneer kunnen we weg?' De meerderheid gaat samen in een Rally met de Island Cruising Assotiation richting Tonga. Wij trekken ons eigen plan en gaan naar Nieuw Caledonie, net als de Duitse boten Thule en Momo en het Ierse schip Pylades (www.pylades.net). We hebben de beslissing genomen. We gaan terug via Zuid Afrika. We moeten in verband met weerssystemen daar al in November zijn. We gaan dus niet naar Fiji, maar naar Nieuw Caledonie,Vanuatu en Darwin.

Na drie maanden klussen in Whangarei zijn de meeste klussen klaar. Het is lang geleden dat ik tijdens slecht weer zocht naar iets te doen. De klusjes van 'mijn' lijstje zijn gedaan, behalve het maken van een zonnehoes voor de bijboot. Deze zonnehoes moet er voor gaan zorgen dat de UV-straling het materiaal van onze bijboot niet verder verweekt. Maar patroontekenen in windstoten van 35 knopen en regen op krantenpapier zie ik nog niet tot een goed einde komen.


Ik heb wel alle tijd om de grote dag van morgen voor te bereiden. Het is even wennen. Normaal is Ben in het voorjaar jarig. Fris groen, fluitende vogels, narcissen, tulpen, oplopende temperaturen en af en toe blote benen. Dit in tegenstelling met mijn verjaardag in oktober. Herfst in al zijn schoonheid, als het frisse groen al bruin en rood kleurt, de temperaturen afnemen en de regenjas zeer welkom is. Het is dus wennen want het is hier herfst, in vol ornaat, in al zijn glorie, alleen moet ík nog een half jaar wachten, morgen wordt Ben verwend. Ben is jarig en wordt 38. Welkom op het Zuidelijk halfrond. Met alle tijd van voorbereiden zou het een groot feest kunnen worden, mits onze boot dit toelaat. De leefruimte is, mede door de proviand wat schaars aan boord van ons 10 meter Megajacht. Ik heb in ieder geval tijd genoeg om een taart te bakken. Ik zag me al tussen mijn wachten door, op open zee en in hoge golven een appeltaart in de oven schuiven, terwijl ik de slingers ophang en 'Lang zal-ie leven' zing. Nu neem ik overal de tijd voor, geen reden tot multitasken, we zijn hier waarschijnlijk nog zo'n 5 dagen.


Koninginnedag is ook aan boord Blauwe Pinquin gevierd. Ondanks regen en harde wind hebben we het feest van ons Koningshuis niet voorbij laten gaan maar gevierd met echt Oranje(gekleurde) pannekoeken.


Vervelen we ons al? Nee! We zijn druk bezig met zin en onzin. Zoals inlezen in Nieuw Caledonie, Vanuatu en Australie en naar buiten kijken hoe de buurman in zijn bijboot stapt en naar de kant gaat.

Herfstige Lentegroet
Miek

zaterdag 23 april 2011

Het land van de buren



Onze bus verkochten we op de dag voordat we weer te water gingen. De fietsen zijn weggegeven aan een werkloze tegelzetter en zijn vriendin. Goeie gozer. Het hoofdstuk klussen aan de boot in Whangarei is afgesloten. Het afscheid was goed. En toen ik voor een etentje bij onze buren een fles wijn ging halen bij de Megaknaller moest ik me legitimeren. Ze dachten dat ik nog geen vijfentwintig was. Ik had me net daarvoor geschoren. Mijn naderende midlifecrisis is zodoende vijf jaar naar achteren geschoven.



Het nieuwe hoofdstuk heet: de andere helft van de wereld. We zijn halverwege onze wereldomzeiling en er is nog minstens een halve aardbol te ontdekken voor we weer in thuiswater varen. Het vervolg van onze reis is inmiddels begonnen. De Pinquin is weer zout! Gisteren hebben we definitief al het klusstof van het dek gevaren. Nadat we eergisteren voor het eerst de zeilen hebben gehesen en uit Whangarei zijn vertrokken. Het ging aan de wind naar het noorden. Met 20 knopen uit het Noordoosten. Het voelt vertrouwd, al is het wennen. Golvend water is alweer een hele tijd geleden. Een plets zout water in je gezicht ook.

Eerste zeiltochtje, met nieuwe navigatiesoftware



We hebben besloten om van hier naar Vanuatu te varen, de voormalige Nieuwe Hebriden, oftewel: http://en.wikipedia.org/wiki/Vanuatu. Het is nog minstens een weekje wachten op goed weer, maar we zijn er klaar voor. En krijgen er langzaam ook weer zin in. Het kost twee dagen zee om het walleven van ons af te schudden.


Opeens waait er een weldadige geur mijn neus binnen. We liggen voor anker bij Russel en Miek heeft net haar haar gewassen. Handgeplukte roze koraalbloesem met witte nectarineshampoo. Dat staat op het flesje. Het ruikt verdomd lekker. Met een zinneprikkelende zindering van tropische sensaties tot gevolg. Het bestaat echt, want het staat op het flesje. De wereld waar echte bloemen geuren is nu voor iedereen bereikbaar.


Zometeen komen onze Zuid-Afrikaanse buren een borrel drinken. We gaan ze even uithoren over de route naar Zuid-Afrika. Er zijn veel zeilende Zuid-Afrikanen, en allemaal roepen ze dat we gek zijn als we daar niet even een kijkje gaan nemen. Het zou ons niet slecht uitkomen, want we vermijden daarmee de knotsgekke piraten. Die schieten daar met scherp en welgemikte schoten. En daar hebben we weinig trek in. Dus wordt het waarschijnlijk dat we een echte kaap gaan ronden. Daarover later meer. De buren zijn gearriveerd.

Groeten
Ben




donderdag 14 april 2011

Water om ons heen

zondag 3 april 2011

Kilootje goud



Bij aankomst in Nieuw Zeeland in November was het tijdsverschil met Nederland precies 12 uur. Door het passeren van de datumgrens liepen we een halve dag voor, ondanks dat we de klok één uur terugzetten na het afleggen van 15 lengtegraden. Want elke 15 lengtegraden is een tijdzone. Nu liggen we hoog en droog op de werf, kunnen geen kant op en toch zijn we in één week tijd twee uur dichter bij Nederland gekomen. Dit komt door de geweldige uitvinding van zomertijd. Vorig weekend ging in Nederland de klok een uur vooruit en hadden we opeens een tijdsverschil van 11 uur. Hier op het Zuidelijk halfrond doet de winter haar intreden en werd de zomertijd opgeheven, kortom een klok ging een uurtje terug. En zo is het mogelijk dat we in een week tijd zonder maar een mijl te varen al weer dichterbij zijn gekomen.

Helaas maakt dit geweldige tijdsverschijnsel de keuze voor de route niet makkelijker. De knoop is nog niet doorgehakt; Zuid-Afrika óf de Rode Zee. Via Zuid Afrika betekent haast maken om daar in November 2011 al te zijn dus moeten we veel eilanden overslaan en er is kans op enorme golven. Maar via de Rode Zee betekent kans op piraterij. Kortom de beide opties staan nog open en ervaringen zijn welkom.



Een jaar extra zou uitkomst bieden maar dan moet de spaarpot gevuld worden. Tijdens onze vakantie hebben we hard gezocht naar goud. Bij elke dammetje dat we bouwden of riviertje dat we overstaken, hield Ben vol dat we goed moesten opletten. “Hier kan ons kilootje goud liggen.”
Helaas hebben we ons kilootje niet gevonden. Toen we vorige week bij de bouwmarkt een Harley Davidson konden winnen met onze kassabon, waren de plannen al gauw gemaakt. We hadden een nieuw 'goudklompje' gevonden. We zouden de Harley verkopen en van dat geld konden we een jaartje langer cruisen. Maar helaas de telefoon is niet gegaan afgelopen donderdag. We weten al heel lang dat onze reis ons 'goudklompje' is, maar fantaseren over meer goud blijft leuk. Wat zou jij eigenlijk doen met een kilootje goud?

Tegelijk met de aankomst in Whangarei namen onze bezittingen snel toe. Het is grappig om te zien hoe snel je went aan spullen, bezittingen. De bus is ons tweede huis geworden en mijn fiets vind ik ook geheel vanzelfsprekend onder de boot staan. Maar bezittingen zijn de dingen die je vasthouden op de plek waar je bent, zelfs als het om vervoersmiddelen gaat. En al hebben we onze 'huizen' hier, we willen terug naar Nederland. Dus met een gezond sentimenteel gevoel zetten we onze bus te koop op internet, plakken we een 'for sale 0220851780'-sticker op de achterruit en hangen we briefjes op in de supermarkt. De fietsen zijn verkocht maar de koper vindt het geen probleem om ze pas over twee weken te hebben, dus geniet ik nog van elk ritje op mijn fietsje. De bus verkoopt iets minder makkelijk, maar er zijn wel veel mensen geïnteresseerd. We wachten maar geduldig af en slapen sinds de vakantie nog steeds royaal in ons enorme bed.



De vijf weken vakantie met de bus lijkt alweer langer geleden. De afgelopen twee weken hebben we heel wat meters geschuurd, geschilderd, ingetimmerd en de mast opgevuld tegen het klapperen van de elektra-kabels.
Naast het blauw schilderen van onze romp hadden we een hele lijst met kleine en kleinere klussen. Zo lijkt de lekkage in de voorpunt verholpen te zijn met zo'n 100 ml epoxy, is het zijpaneel uit de voorpunt dat door de lekkage uit elkaar viel vervangen, is de motor weer in topconditie en is het dek oogverblindend wit geworden.

"het is zo fel aan mijn ogen"

Door een jaar tropenzon waren in het dek oude reparaties en slechte plekken in de gelcoat opengesprongen. Na twee rondes plamuren, een paar uren schuren en schrobben waren we donderdag klaar om de eerste laag grondverf aan te brengen. Na twee lagen grondverf hebben we alle kleine oneffenheden grondig weggeschuurd, zodat we een nog mooier eindresultaat kunnen bereiken als bij de romp. Optimistisch en vol goede moed brengen we zaterdagochtend de eerste laag verf aan. En vandaag de tweede en tevens de laatste laag. Dit hopen we tenminste. Ruim een uur nadat wij de laatste verf gesmeerd hebben, vallen er druppels uit een donkere wolk naar beneden. Houden we dáárvoor de weerberichten goed in de gaten! Het zou droog blijven vandaag, grmpf. En de regendruppels zelf lijken niet meteen een probleem opgeleverd te hebben maar de zaden die de windvlagen meevoerden hebben zich met kleine bruine kringen op ons net gelakte witte dek genesteld. Morgen zal uitwijzen of we een derde laag verf moeten smeren of dat we met een slof doekje deze plekjes kunnen wegpoetsen.



Groeten uit Whangarei
Miek

We zijn overladen met pakjes, brieven en kaarten. Dank jullie wel, wat een feest. Over een week hopen we het water weer in te gaan en moeten we helaas ook afscheid nemen van ons postadres.